3+3=6

“Zijn we er bijna,” zeurt Kootje konijn, ”ik ben zo moe en mijn pootjes doen pijn.” Edison en zijn vrienden hebben vandaag al heel ver gewandeld. Toen ze deze morgen wakker werden, scheen de zon. “Het belooft een prachtige dag te worden, dat vraagt om een lange wandeling,” had Edison gezegd. En als hij dat zegt, weten Valeir en Kootje wat hen te wachten staat. “En vrienden, ben je moe dan moet je het maar vragen. Spring dan op mijn rug, ik zal je dan wel dragen,” lacht Edison.

Valeir zit al een hele tijd op Edison zijn rug en Kootje springt er nu ook bij.” Als we een plaatsje zien om te overnachten, zullen we stoppen,” belooft Edison. Ze wandelen voorbij een brede sloot. “Hadden we nu maar een bootje, dan konden we varen…,” lacht Edison.

Foto Danny Verslype

Even later stappen ze voorbij een leuk huisje. Het ziet er een beetje verlaten uit. De muren zijn helemaal begroeid en de deur staat open. Met z’n drietjes gaan ze voorzichtig dichterbij. “Is er iemand thuis?” vraagt Edison. Valeir en Kootje nemen ondertussen een kijkje in de tuin. “Hier is ook niemand!” roept Valeir. Omdat er niemand woont, gaan onze vrienden binnen om wat uit te rusten. Het duurt niet lang voor ze in slaap vallen…

“En toch denk ik dat ik iemand ons huis heb zien binnengaan,” horen ze een luide stem zeggen. Edison en zijn vrienden schrikken wakker. “Oh, wie is daar? Zou hier dan toch iemand wonen?” fluistert Edison. “Is daar iemand?” horen ze een boze stem. “Euh, ja, wij zijn hier en wie ben jij?” vraagt Edison.

Foto Johan Pots

Drie dieren komen het huis binnen. Een varken, een geit en een kip. “Wij zijn de drie dikke vrienden en dit hier is ons huis,” zegt het varken, streng, ”en wie zijn jullie en wat doen jullie hier?” De kip springt op de rug van het varken en begint te kakelen. De geit komt er ook bij en mekkert heel luid. Kootje konijn en Valeir verstoppen zich achter Edison. Ze zijn bang van dat lawaai. “Kom vrienden, niet boos zijn. Omdat het huis er verlaten uit zag, dachten we dat we hier konden overnachten. We hebben heel lang gewandeld en zijn heel moe. We waren al in slaap gevallen en mijn vrienden zijn bang van het lawaai,” zegt Edison rustig. “Sttt, stil zijn,” zegt het varken tegen zijn vrienden, ”laten we allemaal gaan zitten.” De dieren komen allemaal dicht bij elkaar zitten, da’s lekker warm. “Vertel eens,” zegt het varken, “wie zijn jullie en waar komen jullie vandaan?” En Edison vertelt…

“Ik woonde vroeger op een boerderij maar ik vond het daar veel te klein. Toen ik drie jaar was, ben ik op reis vertrokken, op wereldreis. Ik wilde de hele wereld zien. En het is fantastisch. Ik ben vrij en kan slapen en eten wanneer ik het wil. Ik kan doen waar ik zin in heb. Op een dag kwam ik voorbij een grote weide en zag ik Valeir, de vogelverschrikker staan. Hij had veel verdriet. De wind had zijn kleren weggeblazen en hij voelde zich helemaal alleen. Ik heb zijn kleren gevonden en hem weer aangekleed. En toen waren we met twee. Twee vrienden op wereldreis. Enkele dagen later stapten we door een bos en brak er een verschrikkelijk onweer los. We gingen schuilen onder de takken van een dikke boom en sliepen op het zachte mos. Toen het onweer voorbij was, gingen we weer op stap. Maar Valeir voelde iets kriebelen in zijn stooien buikje. Het was Kootje konijn die in Valeir zijn jas gekropen was. Hij was bang geweest voor het grote onweer. En toen waren we met drie. Drie vrienden op wereldreis. We hebben al heel wat avonturen beleefd en toen we hier voorbij kwamen, wilden we hier blijven slapen. Maar nu we weten dat jullie hier wonen, zoeken we wel een andere plaats. Kom vrienden, we vertrekken,” zegt Edison.

“Nee hoor, jullie mogen blijven. Hier is plaats genoeg. We hebben het lege huis en we hebben ook nog… een verrassing,” lacht het varken.

Foto Danny Verslype

De 3 dikke vrienden nemen Edison, Kootje en Valeir mee naar de brede sloot. Daar ligt een oude boot. “Als het mooi weer is, slapen we hier. Dan genieten we ’s avond van de prachtige zonsondergang. Als er wind is en zachte golven, wiegt de boot ons in slaap,” vertelt het varken. “En kan de boot nog varen?” vraagt Kootje. “Nee, tok tok tok, daarvoor is hij te oud, jammer hé,” kakelt de kip.  “Je ziet het, plaats genoeg hé voor ons allemaal,” lacht het varken. “Mèèèèè, dan zijn we met zeèèèès, want 3+3= zèèèès,” mekkert de geit. “Oh ja, leuk, zes dikke vrienden tok, tok, tok,” kakelt de kip. “En hoe zijn jullie hier terechtgekomen met z’n drietjes?” vraagt Edison aan het varken. En het varken vertelt…

“Wij woonden vroeger alle drie ook op een boerderij. Toen waren we ook al dikke vrienden. Maar op een dag is er iets heel erg gebeurd. Het was bijna donker en er stak een harde wind op. Het begon heel hard te regenen en te donderen. Er brak een verschrikkelijk onweer las. Naast de boerderij stond een hele grote oude boom. De stormwind had hem omgeblazen en de boom was op onze stallen gevallen. De boer had geen geld om de stallen op te knappen en daarom moesten we verhuizen. Met z’n drietjes gingen we op zoek naar een nieuwe thuis. Toen we voorbij de sloot kwamen en het huis zagen, besloten we om hier te blijven want het huis was verlaten.  En toen we de boot zagen, wisten we het zeker. We hadden een nieuwe thuis gevonden. Jullie mogen hier ook wonen, er is plaats genoeg,” vertelt het varken.

“Da’s heel lief, maar wij zijn op reis en we willen de wereld zien. Maar mogen we vannacht blijven slapen en op de boot?” vraagt Edison. Dat vinden de drie dikke vrienden een fantastisch idee. Die avond genieten ze met z’n zessen van een prachtige zonsondergang en omdat er wind was en zachte golven wiegt de boot hen in een diepe slaap. De volgende morgen nemen de 6 vrienden afscheid van elkaar. Het varken knort, de kip kakelt en de geit mekkert en Edison, Valeir en Kootje gaan weer op pad, op weg naar een nieuw avontuur en ze zingen er hun liedje bij…

We gaan op reis, met wie o wie?

We gaan een eindje stappen, met z’n drie

Ben je moe, dan moet je het maar vragen…

Spring maar op mijn rug, ik zal je dan wel dragen

En heb je kou, kom dan maar in zijn armen.

Valeir de vogelschrik die zal je wel verwarmen.

Samen springen, samen lachen, samen gluren.

Op zoek, op zoek naar de leukste avonturen.

Illustratie Lander Loots

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.