Wat ben ik blij…

Dit is het vervolg op het verhaaltje “ooievaar lange poot

De tuin waar Bartholomeus bij en zijn vrienden, wonen krijgt weer kleur. Aan de takken van de bomen zie je al kleine knoppen, de blaadjes zijn weer op komst. De sierkerselaar draagt weer zijn prachtige roze bloesem en de paasbloemen kleuren de tuin mooi geel. Op het kippenhok zit de haan te kraaien om de dieren in de tuin wakker te maken. En in het kippenhok zit de kip te broeden op haar eitjes. Misschien zijn er binnenkort weer kuikentjes. Het water in de vijver is weer warmer geworden. En Kobe de kikker is wakker geworden uit zijn winterslaap. Hij zit op een waterlelieblad. Op het water drijft al een beetje kikkerdril. Binnenkort zijn er weer kikkervisjes. Pol de mol maakt weer molshopen in de weide waar Pedro de pony graast. Hij steekt zijn kopje boven de grond en duwt zijn brilletje wat beter op zijn neus. Bartholomeus heeft ook een winterslaap gehouden aan de rand van de vijver in een stronkje van een oude boom.

Hij moet even wennen aan het licht van de zon. Bartholomeus rekt zich eens goed uit en neemt zijn accordeon. Hij speelt een rustig lied… Pedro spitst zijn oren en stampt met zijn poot op de grond. Pol steekt zijn kopje uit een hoopje zand. “Heb ik het goed gehoord? Is Bartholomeus ontwaakt uit zijn winterslaap?” roept hij blij. “Hihi,” hinnikt Pedro en rent naar de afsluiting. Ondertussen is Kobe uit het water gesprongen. De dieren zijn blij om elkaar terug te zien. “Ik heb jullie gemist hoor,” zucht Pedro. Bartholomeus en Kobe hebben een winterslaap gehouden en Pol bleef onder de grond in de diepste gangen. Pedro de pony bleef vaker in zijn warme stal, maar niet alleen…

Foto Bernine Deramoudt

“Kennen jullie onze vriend, de ooievaar nog?” vraagt Pedro.

“Gevaar!” roept Kobe en hij springt in de vijver. De ooievaar staat in de weide en durft niet goed dichterbij te komen omdat hij weet dat de kleine dieren schrik hebben van hem. “Je moet geen schrik hebben, je weet toch wat we afgesproken hebben. De ooievaar komt alleen als het donker is. Overdag blijft hij in het ooievaarsdorp,” zegt Pedro. Heel voorzichtig komt de ooievaar dichterbij want hij wil iets vertellen:

“Lieve vrienden, ik kom vandaag afscheid nemen. Binnenkort zullen de andere ooievaars terugkomen naar het dorp. Dan is het weer tijd om de nesten op te knappen en eieren te leggen die we later dan gaan uitbroeden.

Foto Bernine Deramoudt

Als verrassing voor mijn vrienden ben ik al een tijdje bezig om de nesten weer mooi te maken. De wind maakte veel kapot en dat heb ik al hersteld. Ik heb al takjes en mos gezocht en er zijn al heel wat nesten klaar. Mijn nest is al bijna klaar voor mijn vrouwtje en mij. Wat zal ik blij zijn om haar terug te zien,” zucht de ooievaar. “Pedro, jij hebt me echt gered. Het was zo lekker warm in je stal tijdens de koude winternachten. Anders was ik vast en zeker dood gegaan van de kou.” De ooievaar neemt afscheid en ook Kobe de kikker is er weer bij gekomen. “Kom je vanavond nog even naar de vijver als we ons vriendenliedje zingen?” vraagt Kobe. Dat vinden ze allemaal een schitterend idee. “Ik zal er zijn,” belooft de ooievaar en hij vertrekt weer naar het ooievaarsdorp.

Foto Bernine Deramoudt

Daar zoekt hij zijn eigen nest op en wacht geduldig op de komst van zijn vrouwtje en de andere ooievaars. Een beetje zenuwachtig kijkt hij heen en weer. Het is een zonnige dag vandaag maar er is veel wind. De ooievaar zijn witte en zwarte veren wapperen in de wind. Hij legt ze voortdurend weer goed want hij wil er op zijn paasbest uitzien als zijn vrouwtje toekomt. Zijn geduld wordt beloond… Daar zijn ze eindelijk! Een voor één komen de ooievaars toe in het dorp en zoeken hun nest op. De ooievaar kijkt ongeduldig uit naar zijn vrouwtje.

Foto Bernine Deramoudt
Foto Bernine Deramoudt

En daar is ze eindelijk… Wat hebben ze elkaar gemist… De ooievaar en zijn vrouwtje zijn zo blij. Ze knuffelen en klepperen erop los. Alle ooievaars zijn heel dankbaar dat de nesten al bijna helemaal hersteld zijn. Ze maken een oorverdovend klepperend lawaai. Zo zeggen ze “dank je wel!”

De ooievaar en zijn vrouwtje leggen de laatste takjes goed in hun nest. Ze willen het vandaag nog klaar hebben. Dan kan het vrouwtje haar eieren leggen en kan het broeden beginnen.

Foto Bernine Deramoudt

“Wat zal de ooievaar weer gelukkig zijn. Zijn vrienden en zijn vrouwtje weer terug. Maar wat een lawaai maken die toch met hun klepperende snavels,” lacht Bartholomeus. “Kijk!” roept Kobe, ”daar vliegen ze.” Boven de vijver vliegen ooievaars heen en weer met in hun snavel gedroogd gras en stukjes mos. “Ze maken hun nesten verder. Het mos en het gedroogde gras maken het lekker zacht voor de eieren die de vrouwtjes gaan leggen. Dat heeft de ooievaar me verteld,” zegt Pedro fier, ”nu weet ik alles over ooievaars hoor.”

Het wordt stilaan donker en onze vrienden komen samen aan de rand van de vijver. “Dat heb ik echt gemist,” zucht Pedro, “zo fijn dat we weer allemaal samen zijn.” En daar is de ooievaar. Zoals afgesproken komt hij nog één keertje meezingen met de vrienden. Bartholomeus neemt zijn accordeon en begint zachtjes te spelen. De vrienden genieten zo van het samenzijn en ze zijn zo blij om de ooievaar zo gelukkig te zien. Samen zingen ze hun vriendenliedje

 ‘Vrolijke, vrolijke vrienden, vrolijke vrienden dat zijn wij!

 Vrolijke, vrolijke vrienden, vrolijke vrienden dat zijn wij!’

Foto Bernine Deramoudt

Bartholomeus speelt erbij op zijn accordeon. De ooievaar kleppert zachtjes mee en dan nemen ze afscheid. “Altijd welkom aan de vijver, als het donker wordt,” lacht Bartholomeus. “En jullie zijn altijd welkom in het ooievaarsdorp, als het licht is,” lacht de ooievaar. En dan vliegt hij naar zijn vrouwtje…

Illustratie Lena Dhooghe

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.