Een ridder met een plan…

Het is tijd voor een verhaaltje uit het grote babbelboek. Ga even zitten en zeg de toverspreuk dan komt het verhaaltje, het wordt heel leuk.

‘In het grote babbelboek

zijn de letters en de kleuren zoek.

Open, toe en schudden maar…

Het verhaal is klaar, echt waar!’

Illustratie Lander Loots

“Kijk eens hier, wat ik gevonden heb,” lacht de mama van Luka. Bij het opruimen van de zolder heeft ze een kunstwerk gevonden dat papa gemaakt heeft toen hij nog klein was. “Hé daar staat een ridder op en een draak!” roept Luka verwonderd, “heeft papa dat echt geschilderd?” Luka houdt heel veel van ridders en ook van draken. “Ik denk het wel want achteraan staat zijn naam,” vertelt mama. “Hij oud was hij toen? Hield papa dan ook van ridders en draken net als ik?” wil Luka weten. “Je vraagt het best straks aan papa, want dat weet ik allemaal niet,” lacht mama. Luka vindt het een prachtig schilderij. Hij verzint er een heel verhaal bij. Over een dappere ridder die de gevaarlijke draak moest verslaan om zo met een mooie prinses te kunnen trouwen. “Mama, mag ik met mijn groot kasteel spelen? En mag het schilderij van papa mee op mijn kamer?” vraagt Luka. “Natuurlijk mag dat. Maar niet te veel lawaai maken want broertje doet een middagdutje,” fluistert mama. “Ok,” lacht Luka, ”ridder Luka zal ervoor zorgen.” Hij heeft grootse plannen…

“Een ridder met een plan…” verder lezen

Alarm! Alarm!

Lees eerst ‘in de diepe zee

Illustratie Pieter Saegeman

Net als in onze wereld zijn er in de onderwaterwereld heel veel landen. Zora en Zita wonen in het prachtige land Zoda. De baas van Zoda is koning Zebedeus, de vader van Zora en Zita. Samen wonen ze in een prachtig kasteel dat op de bodem van de zee staat. Koning Zebedeus zorgt voor de kleine zeedieren en beschermt ze tegen allerlei gevaar. Vooral als er grote zeedieren op bezoek komen. Zora en Zita helpen koning Zebedeus heel goed om de kleintjes te beschermen.

“Alarm! Alarm!” verder lezen

Prinses Oepsie

Tijdens een wandeling door het bos kwam Fran voorbij de Babbelboom. Fran wilde even rusten en zette zich neer op het stronkje met mos en zei de toverspreuk:

Zelfportret Fran Cole

‘Biebbele babbele boe

 Oren open en mondjes toe.

 Het is geen grap, het is geen droom,

 Luister naar de Babbelboom.

 Letters, woorden, zinnen,

 Laten we beginnen.’

Langzaam werd de boom wakker en zei: “Dag Fran, ik ben blij dat je op bezoek komt. Kan ik je plezieren met een verhaaltje? En waarover mag het verhaaltje gaan?”

Fran zei natuurlijk ja en vroeg, “ken je een verhaal over een prinses?”

De Babbelboom knikte ja en vertelde:

 In een land hier ver vandaan woont koning Lodewijk. Toen hij nog een prins was, ging hij vaak op reis. Op één van die reizen leerde prins Lodewijk een mooie prinses kennen. Haar naam was Sylvia.

“Prinses Oepsie” verder lezen

Ridder Florian

Tijdens een wandeling door het bos kwam Lander voorbij de Babbelboom. Lander wilde even rusten en zette zich neer op het stronkje met mos en zei de toverspreuk:

Zelfportret Lander Loots

‘Biebbele babbele boe

 Oren open en mondjes toe.

 Het is geen grap, het is geen droom,

 Luister naar de Babbelboom.

 Letters, woorden, zinnen,

 Laten we beginnen.’

Langzaam werd de boom wakker en zei: “Dag Lander, ik ben blij dat je op bezoek komt. Kan ik je plezieren met een verhaaltje? En waarover mag het verhaaltje gaan?”

Lander zei natuurlijk ja en vroeg, “ken je een verhaal over een ridder?”

De Babbelboom knikte ja en vertelde:

Er was eens een jongen die gek was op ridders. Zijn naam was Florian en hij was net 5 jaar geworden. Toen Florian jarig was, kreeg hij superleuke cadeaus.  Alles had te maken met ridders.

“Ridder Florian” verder lezen