Een ridder met een plan…

Het is tijd voor een verhaaltje uit het grote babbelboek. Ga even zitten en zeg de toverspreuk dan komt het verhaaltje, het wordt heel leuk.

‘In het grote babbelboek

zijn de letters en de kleuren zoek.

Open, toe en schudden maar…

Het verhaal is klaar, echt waar!’

Illustratie Lander Loots

“Kijk eens hier, wat ik gevonden heb,” lacht de mama van Luka. Bij het opruimen van de zolder heeft ze een kunstwerk gevonden dat papa gemaakt heeft toen hij nog klein was. “Hé daar staat een ridder op en een draak!” roept Luka verwonderd, “heeft papa dat echt geschilderd?” Luka houdt heel veel van ridders en ook van draken. “Ik denk het wel want achteraan staat zijn naam,” vertelt mama. “Hij oud was hij toen? Hield papa dan ook van ridders en draken net als ik?” wil Luka weten. “Je vraagt het best straks aan papa, want dat weet ik allemaal niet,” lacht mama. Luka vindt het een prachtig schilderij. Hij verzint er een heel verhaal bij. Over een dappere ridder die de gevaarlijke draak moest verslaan om zo met een mooie prinses te kunnen trouwen. “Mama, mag ik met mijn groot kasteel spelen? En mag het schilderij van papa mee op mijn kamer?” vraagt Luka. “Natuurlijk mag dat. Maar niet te veel lawaai maken want broertje doet een middagdutje,” fluistert mama. “Ok,” lacht Luka, ”ridder Luka zal ervoor zorgen.” Hij heeft grootse plannen…

Het schilderij van papa zet hij boven op de kast. “Zo dappere ridder, dan ga ik nu voor jou het prachtige kasteel maken waarin de koning en zijn knappe dochter wonen,” zegt Luka. In één van de speelgoedbakken op zijn kamer liggen alle stukken van het kasteel. De muren, de kantelen, de torens, de poorten en de ophaalbrug. Het is best wel een moeilijk werkje maar Luka probeert dapper alles in elkaar te steken. “Ziezo,” zegt hij na een kwartiertje, ”het kasteel is klaar. Hier wonen nu de koning en zijn knappe dochter, dappere ridder.”

Foto Janel van Dalfzen

Ondertussen is broer Kian wakker. Luka en Kian mogen samen buitenspelen. “Gaan we ridder en draakje spelen?” vraagt Luka terwijl hij zijn speelgoedzwaard neemt. “Ik ben de dappere ridder en jij bent de draak. Jij moet heel hard rennen want ik ga je verslaan om dan met de knappe dochter van de koning te kunnen trouwen,” zegt hij terwijl Luka zijn zwaard uit de beschermhoes trekt. Kian is nog te klein om het allemaal goed te begrijpen. Maar rennen vindt hij heel leuk. “123 start!” roept Luka en Kian loopt zo hard hij kan. Ridder Luka vertrekt een beetje later want hij is al heel wat groter en kan veel harder lopen. “Wat ben jij een knappe draak,” zucht Luka als ze weer naar binnen gaan. “Ik kon je helemaal niet verslaan.”

Foto Janel van Dalfzen

Kian is moe van het rennen en wil graag weer binnenspelen. Hij wil met de grote blokken bouwen. “Goed idee,” zegt Luka en samen maken ze een grote draak met alle groene blokken. De draak heeft een grote gevaarlijke kop, een grote mond waarmee hij vuurspuwt en een lange gekartelde staart waarmee hij gevaarlijk heen en weer zwiept.  En de twee grote groene vleugels mogen ook niet ontbreken natuurlijk. “Mama, kom eens kijken, we hebben een grote gevaarlijke draak gemaakt!” roept Kian. “Is hij echt heel gevaarlijk?” Het is papa die de kamer binnenkomt. “Papa!” roepen de kids en geven papa een dikke knuffel. “Kijk eens papa wat mama gevonden heeft,” lacht Luka. “Oh, mijn schilderij van de ridder en de draak. Waar heeft mama dat gevonden? Ik wist niet dat dat nog bestond,” zegt papa verwonderd. “Ze heeft het gevonden toen ze de zolder aan het opruimen was,” vertelt Luka. “En de twee boekjes over de ridders, heeft ze die ook gevonden?” vraagt papa. “Bedoel je deze?” lacht mama die ook de kamer binnenkomt. Ze toont twee boekjes die bij het schilderij lagen. Een boek over ‘Ridders’ en een ander vertelt een verhaaltje over ‘Ridder Milan en de draak’. Papa belooft om vanavond voor het slapengaan te vertellen uit het boek over ’Ridders.’ “Joepie! Ik hou zo veel van ridders!” roept Luka. “En ik van draken!” zegt Kian een beetje verlegen.

En dan is het eindelijk zover. De broertjes zitten in de zetel met hun pyjama aan, te wachten op papa die gaat vertellen over de ridders. “Papa gaat in het midden zitten en opent het boek. Op de eerste pagina staat een prachtig kasteel. “Dat lijkt goed op ons kasteel,” zegt Luka fier. En ze bladeren verder… en papa vertelt:

De ridders leefden heel lang geleden, in de middeleeuwen. Da’s wel duizend jaar geleden. Een ridder mocht in het kasteel van de koning wonen omdat hij alle mensen die in de buurt woonden beschermde. De ridder werkte dus voor de koning. In zo’n een kasteel waren heel veel kamers. De muren waren heel sterk en dik en dat was nodig om de koning te beschermen als er oorlog was of als er rovers kwamen. Een ridder was eigenlijk een soort soldaat. Hij moest vechten, dapper zijn en lange reizen maken. Als een ridder ging vechten reed hij op een paard en droeg hij een harnas dat gemaakt was van staal en heel zwaar woog. Ridder werd je niet zomaar. Je moest uit een ridderfamilie komen en heel veel leren. Ridders moesten oefenen met zwaardvechten, paardrijden en lanssteken.

Luka zit geboeid te luisteren terwijl hij naar de prenten kijkt als papa in het boek bladert. Kian ligt al in een diepe slaap tegen de schouder van papa. Maar papa vertelt nog verder voor Luka. “Jammer dat Kian het niet meer hoort hé papa,” zucht Luka, ”maar weet je, ik zal dan morgen voor hem het verhaal uit het andere boekje vertellen.” Dat vindt papa een schitterend idee en hij vertelt verder…

Voor je een ridder was, was je een schildknaap. En na 10 jaar oefenen en werken kon je ridder worden, als je alles goed gedaan had. En als de belangrijke dag was aangebroken trok de schildknaap een prachtige rode mantel aan om bij de koning te gaan. Op die dag was het groot feest. Overal hingen de vlaggen en klonk het geschal van de trompetten. En dan begon het belangrijkste moment. De schildknaap knielde voor de koning. Hij beloofde dat hij altijd eerlijk zou zijn en hard zou werken. Daarna tikte de koning zachtjes met een zwaard op de schildknaap zijn schouder. Dat betekende dat hij nu een echte ridder was.

Ook Luka wordt moe en geeuwt. “Ik denk dat het de hoogste tijd is om te gaan slapen hé,” lacht papa. “Oh, maar het boek is nog niet uit,” jammert Luka. “Da’s voor een andere keer,” zegt papa. Hij draagt Kian naar zijn bedje en Luka kruipt er ook in. “Morgen vertel je verder hé papa?” geeuwt Luka en valt in slaap…

Illustratie Luka Veenstra

Als Luka de volgende morgen wakker wordt, kijkt hij naar het schilderij van papa dat op zijn kast staat. Het boek waar papa gisterenavond uit vertelde ligt ernaast. “Vandaag ga ik ook een schilderij maken of een tekening. Of misschien wel allebei,” zegt Luka als hij even later aan de ontbijttafel zit. “En een groot schild, dat ga ik ook maken,” zegt hij vastbesloten. Luka heeft grote plannen… Zijn eerste kunstwerk tekent hij met waskrijtjes. “Een ridder staat voor een groot kasteel, midden in de nacht. Hij trekt zijn zwaard want in de verte ziet hij het licht van de vuurspuwende draak. Hij is heel groot en gevaarlijk. Maar de dappere ridder kan hem verslaan en mag als beloning trouwen met de dochter van de koning,” vertelt Luka fier als hij zijn kunstwerk toont aan mama, papa en Kian. “ Waw, prachtig!” lacht papa, ”je bent al net zo een grote kunstenaar als ik.” Luka zet zijn tekening naast het schilderij van papa op de kast.

Illustratie Luka Veenstra

“En nu een tekening van de ridder overdag,” zegt Luka, ”en die maak ik met mijn stiften.” Met een rode stift tekent hij een kasteel. De ridder staat op de toren tussen de kantelen. Hij heeft zijn harnas aan want hij gaat vechten tegen de gevaarlijke draak. Het kasteel kleurt hij bruin. De ridder heeft ook een schild bij om zichzelf te beschermen. De draak kleurt Luka groen. Behalve de tanden, die zijn knalrood. De lucht is blauw met enkele witte wolken waartussen de zon schijnt. Als alles klaar is, laat Luka zijn tweede kunstwerk zijn. “Oh maar dat is prachtig!” zegt mama trots, ”en alles erop en eraan. Echt mooi.” En ook dit kunstwerk mag op de kast staan. “Mama, heb jij soms een groot stuk karton voor mij?” vraagt Luka, “want ik wil heel graag een groot schild maken.” Dat heeft mama wel maar het is al middag. Tijd om te eten. Dus Luka moet even wachten.

Illustratie Luka Veenstra

Na de middag doet Kian een middagdutje en maakt Luka een schild. “Als Kian weer wakker is, gaan we dan verder kijken in het boek van de ridders,” vraagt Luka aan papa. “Dat zullen we beter vanavond doen als Kian al slaapt. We zullen straks het andere boekje van de ridder en het draakje vertellen,” lacht papa, ”dan zal Kian nog niet in slaap vallen.” “Ik ga dat vertellen,” zegt Luka “want dat hadden we gisteren zo afgesproken.” Papa helpt Luka nog even om het schild uit te knippen want het karton is heel hard. Het wordt een groen schild met een zwaard erop.

Enkel uurtjes later is Kian wakker en is het tijd voor een vieruurtje. “Kom Kian, we gaan in de zetel zitten en in het boekje kijken van ‘Ridder Milan en de draak,” zegt Luka even later.

De jongens zitten gezellig samen in de zetel. Kian bladert in het boek en Luka vertelt…

Dit is prins Milan. Hij speelt graag met zijn houten zwaard en zijn stokpaardje. Milan wil graag een echte ridder worden. Maar als de koning hem opdrachten geeft om te oefenen, is Milan bang. De echte zwaarden halen durft hij niet want in de kamer zitten spinnen en is het donker. De honden roepen om in hun mand te gaan liggen durft hij ook niet. Want de honden zijn veel te groot. Als de koning zegt dat Milan zo nooit een dappere ridder zal worden, is hij heel verdrietig. Maar als Milan in de tuin van het kasteel speelt, ziet hij een echte ridder op een prachtig wit paard. Hij heeft medelijden met kleine Milan en wil hem leren hoe je dapper kan zijn. Dat wil Milan heel graag. Hij mag meerijden want van paarden is hij niet bang. Als ze door het bos rijden horen ze een grommend geluid. De ridder gaat op zoek naar het geluid en Milan blijft alleen achter. Als het geluid dichterbij komt staat Milan te trillen op zijn beentjes. Op een steen zit een klein draakje dat vuurspuwt. Als Milan ziet hoe dapper het draakje is, heeft hij weer verdriet. “Ik wil ook dapper zijn, net als jij,” zegt hij tegen het draakje. “Gri gra groe!” roept het draakje. Milan vindt het grappig en roept ook, “Gri gra groe!” En samen trekken ze gekke bekken. Maar daar komt de ridder weer aan. Het draakje schrikt en kruipt onder de helm van Milan. “Ik dacht dat ik een draak hoorde, maar heb er geen gevonden. Laten we maar teruggaan naar het kasteel,” zegt de ridder. Maar in de tuin lopen de grote honden en Milan blijft stokstijf staan. “Gri gra groe roept hij samen met het draakje dat nog steeds onder zijn helm zit. En hij trek zijn lelijkste gezicht. De honden schrikken en rennen naar hun mand. Milan gaat ook naar de donkere kamer waar de echte zwaarden staan. Het draakje komt even vanonder de helm en spuwt een vlammetje om de kamer te verlichten. Hij brengt de zwaarden bij zijn vader, de koning. “Ik wil een echte ridder worden!” roept Milan, “ik kan paardrijden, ik was niet bang in het bos, de honden zitten in hun mand en ik heb de zwaarden gehaald.” De koning kan zijn ogen niet geloven. “Dat is fantastisch mijn zoon,” zegt hij heel fier. De koning neemt één van zijn zwaarden. “Dan sla ik je nu tot ridder. En als je blijft oefenen, zal je later grote gevaarlijke draken kunnen verslaan.” Milan is zo blij en giechelt als hij het kleine draakje, ”gefeliciteerd Ridder Milan” hoort fluisteren.

Mama en papa hebben meegeluisterd naar Luka die vertelde aan zijn broertje. “Dat heb je zo knap gedaan,” zegt papa. Kian klapt in zijn handen en geeft grote broer een dikke knuffel.

“Jammer dat er nu geen ridders meer zijn. Ik was heel graag een ridder geweest. Dan kon ik op een paard rijden. En met mijn helm op en mijn zwaard en schild gevaarlijke vuurspuwende draken verslaan en trouwen met de dochter van de koning,” zucht Luka wanneer papa hem ’s avond nog een nachtzoen komt geven. “Tja, dat wilde ik vroeger ook , maar daarvoor zijn we veel te laat geboren. Wel duizend jaar te laat. We kunnen er alleen maar van dromen. Slaapwel ridder Luka…” Luka kijkt nog even naar de kunstwerken op de kast en valt in slaap.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.