Ik ben Selah

Foto Katrien Timmermans

Woef woef! Ik ben Selah. Ik ben een Vizslateefje. Vizsla is de naam van mijn ras en teefje wil zeggen dat ik een meisje ben. Op 3 november 2019 ben ik geboren. Mijn mama heet Quinta en mijn papa zijn naam is Chase.

Foto Katrien Timmermans

Voor mijn geboorte zat ik in mama haar buik. Maar ik zat daar niet alleen… Met een echografie toestel kon de dierenarts in de buik van mama kijken. En wat zag ze daar… We waren met vijf. Daar zaten we ongeveer negen weken. We groeiden en groeiden en mama haar buik werd dikker en dikker…

Foto Katrien Timmermans

Op 3 november 2019 werden we geboren. Twee zusjes, twee broertjes en ik. De eerste twee weken kon ik nog niets zien en ook niets horen. Maar voelen en ruiken kon ik heel goed. Mijn neusje wees de weg naar mama haar tepels om melk te drinken. En door goed te snuffelen leerde ik ook mijn broertjes en zusjes kennen. Veel drinken en veel slapen daar groeien kleine puppy’s van.

Foto Katrien Timmermans

En dat deden we ook. Er was plaats voor iedereen. We konden samen drinken. En daar werden we zo moe van… Soms viel ik in slaap terwijl ik nog aan het drinken was. We kregen allemaal een halsbandje in een verschillende kleur. Ik droeg een rood bandje. De anderen hadden een paars, geel, zwart of blauw.

Foto Katrien Timmermans

Op een dag kwam er een gezin op bezoek. Mama, papa en twee lieve dochters. Ik vond het zalig toen ze me knuffelden. Maar wat kwamen die hier eigenlijk doen? Ik hoorde zeggen dat zij mijn nieuwe baasjes gingen worden. Maar dat begreep ik niet. Ik was nog veel te klein om te verhuizen. Samen met mijn broertjes en zusjes moest ik nog veel groeien en nog veel leren.

Foto Katrien Timmermans

We hadden ook een huisje waar we gezellig samen konden rusten. Dat heette een ‘bench’.  We leerden ook dat we niet bang moeten zijn van lawaai. Zo stond er eens een raar ding met een lange slurf en wieltjes. We bekeken het eens goed en snuffelden eraan. Toen we ertegen duwden met onze pootjes reed hij verder. Ze noemden dat ding een stofzuiger. Eerst maakte hij een beetje lawaai en dan steeds luider en luider… maar ik was helemaal niet bang. Flink hé!

Foto Katrien Timmermans

Kijk eens hoe groot we al zijn… Binnenkort gaan we allemaal verhuizen naar onze nieuwe thuis. Maar eerst nog een groepsfoto. Ik sta helemaal links met het rode bandje. We hebben nu ook allemaal een naam gekregen. Mijn naam is Selah. Dat vind ik een hele mooie naam. Mijn broertjes heten Boris en Sammie, en mijn zusjes Sue en Sia. Ik zal ze missen maar we hebben afgesproken om elkaar nog vaak te zien samen met onze baasjes.

Foto Katrien Timmermans

En dan was het eindelijk zover… Op 29 december ben ik verhuisd. Ik nam afscheid van mijn broertjes en zusjes en ik vertrok naar mijn nieuwe thuis en mijn nieuwe baasjes. Net als ik hebben ze ook een naam: mama Katrien, papa Ronny en de dochters Kaat en Fran. Mijn eerste ritje in de auto. Het kriebelde in mijn buikje maar Fran en Kaat zorgden goed voor mij. En ik was niet bang. Flink hé!

Foto Katrien Timmermans


Het was wel even wennen in het nieuwe huis met mijn nieuwe baasjes. Zo veel nieuwe dingen om naar te kijken, naar te luisteren en aan te snuffelen. Het was heel leuk maar best wel vermoeiend. ’s Nachts vond ik het eerst niet zo leuk. Ik was bang zo helemaal alleen zonder mijn broertjes en zusjes. Ik blafte om mijn baasjes te roepen maar dat vonden ze niet zo leuk. Ze wilden slapen. Maar nu weet ik al goed dat ik ook moet slapen als het donker is. Want dan ben ik goed fit om op avontuur te gaan. Flink hé!

Foto Katrien Timmermans

“Vandaag maken we een uitstap naar zee, Selah. Daar kan je rennen en spelen op het strand,” zei mama Katrien op de eerste dag van het nieuwe jaar. “Woef, woef,” blafte ik blij want rennen en spelen doe ik graag. Maar de zee, het strand… nog nooit van gehoord. Na een leuk ritje in de auto, mijn buikje kriebelde weer, stapten we uit. Voor we aan de zee waren, moesten we nog een eindje wandelen. Ik kreeg een blauwe halsband waaraan mijn leiband kan vastgemaakt worden. Zo leerde ik flink naast mijn baasjes wandelen. Toen we er waren, keek ik eerst van op een afstand naar de zee en het strand. De zon scheen op mijn snoet. Zalig en lekker warm. Naar het water ging ik niet want ik kon nog niet zwemmen. En het zand,… dat kriebelde tussen mijn tenen.

Foto Katrien Timmermans

Even proeven… bah nee, da’s vies. Mijn snoet hing vol met zand. “Selah, kom!” riep papa Ronny. Oh, de baasjes waren al een eindje verder gewandeld. Ik rende er naartoe. Best wel moeilijk in het zand want mijn pootjes zakten er een beetje in. Zo zal ik wel sterke poten krijgen. Even later ben ik er. “Goed zo Selah!” zeggen de baasjes blij. Dat had ik weer flink gedaan hé!

Zand is eigenlijk heel leuk. De korrels kriebelen wel tussen mijn tenen maar het is superleuk om in te rennen, op te rollen en in te graven. “Woef, woef!” blafte ik blij toen ik voorbij de baasjes rende. Toen het tijd was om naar huis te gaan, klopte iedereen het zand van zijn schoenen. En ik… heb geen schoenen maar ik rende nog een toertje rond op de stenen tot het zand van mijn poten was gevallen. Het ritje in de auto was weer leuk met de kriebeltjes in mijn buik.

Foto Katrien Timmermans

Het was zalig vandaag. Ik voel me al goed thuis in mijn nieuw huis bij mijn nieuwe baasjes. En de zee… daar wil ik nog eens naartoe. Maar nu ga ik slapen want ik ben zo moe. Kijk, mijn ogen vallen bijna toe. Woef, woef! Tot de volgende keer, dan ben ik er weer… voor een nieuw avontuur.

Illustratie Kaat Cole

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.