Avontuurlijk duiken

Tijdens een wandeling door het bos kwam ik voorbij de Babbelboom. Ik wilde even rusten en zette me neer op het stronkje met mos en zei de toverspreuk:

‘Biebbele babbele boe

 Oren open en mondjes toe.

 Het is geen grap, het is geen droom,

 Luister naar de Babbelboom.

 Letters, woorden, zinnen,

 Laten we beginnen.’

Langzaam werd de boom wakker en zei: “Dag Hilde, ik ben blij dat je op bezoek komt. Kan ik je plezieren met een verhaaltje? En waarover mag het verhaaltje gaan?”

Ik zei natuurlijk ja en vroeg, “ken je een verhaal over een duiker?”

De Babbelboom knikte ja en vertelde:

Eindelijk is het zover… Ruben vertrekt met mama en papa op reis. Ze vliegen vandaag naar Egypte. Hij heeft er heel lang naar uitgekeken. Vroeger, toen Ruben nog niet geboren was, gingen zijn ouders vaak naar Egypte. Daar gingen ze dan duiken in de Rode Zee. Ruben heeft al veel foto’s gezien van het leven onder water. Hij wil ook heel graag duiken om alles in het echt te zien. Nu kunnen ze met z’n drietjes van de prachtige onderwaterwereld gaan genieten in Egypte.

De eerste stap was duiken in het zwembad en dat ging allemaal prima. “Jij bent klaar voor het echte werk,” had papa gezegd. En daarom zijn ze nu onderweg naar een fantastisch avontuur in Egypte. Eerst nog een ritje met de auto naar de luchthaven. “Ik heb nog iets voor jou,” zegt papa terwijl hij Ruben een boek geeft. “Avontuurlijk duiken,” leest Ruben. “Dank je wel” lacht hij, terwijl hij in het boek bladert. “Wacht misschien tot we in het vliegtuig zitten, dan heb je veel tijd om te kijken en te lezen,” zegt mama. “Deal,” lacht Ruben. Om 14u stijgt het vliegtuig op en de reis is begonnen. Het is ongeveer 5u vliegen. Ruben kijkt en leest enorm geboeid in zijn boek. “Jij kent alles al van buiten zeker?” zegt papa als Ruben het boek sluit. “Zeker weten, je zal het wel zien als we gaan duiken,” lacht hij. Het is al donker als ze bij het hotel aankomen. Na het avondmaal gaan ze slapen. “Lekker slapen en morgen na het ontbijt gaan we duiken met z’n drieën,” zegt mama. “Joepie,” roept Ruben terwijl hij mama en papa een nachtzoen geeft.

De volgende morgen is Ruben al vroeg wakker. Hij is een beetje ongeduldig. Na het ontbijt wachten ze nog een uurtje om te vertrekken. Dan gaan ze samen naar de duikclub waar ze duikmateriaal gaan huren. “Heb je in je boek gelezen wat we allemaal nodig hebben?” vraagt papa. “Ik weet het hoor,” zegt Ruben en hij vertelt: “We hebben een duikpak nodig. Anders is het veel te koud en dan kan je niet goed zwemmen en ga je verdrinken. Zo’n een duikpak is ook om ons te beschermen als je onder water ergens tegen aan stoot. En natuurlijk moeten we een duikbril opzetten om goed te kunnen kijken onder water. Zwemvliezen moeten we ook aandoen om goed te kunnen zwemmen. En… ik weet het niet meer,” zucht Ruben. “Je hebt veel onthouden, maar da’s niet alles,” lacht papa. “Heel belangrijk is de duikfles. Daar zit lucht in. Er zit een kraantje aan en als je dat opendraait komt de lucht langs een slang in het mondstuk. Dat moet je in je mond stoppen om goed te kunnen ademen onder water.” Papa wil nog verder vertellen over de loodgordel, duikhorloge en dieptemeter maar er is geen tijd meer. De boot gaat vertrekken en ze moeten zich klaarmaken.  Samen met nog andere duikers varen ze een eind in zee. En daar duiken ze het water in. “Ken je de gebaren nog voor onder water?” vraagt mama bezorgd. “Ja hoor,” roepen Ruben en papa samen.

Foto Dario De Witte

En dan begint het onderwateravontuur. Papa heeft een speciaal fototoestel bij waarmee hij onderwaterfoto’s kan maken. Als ze onder water zijn vraagt papa dikwijls aan mama en Ruben of alles ok is met een speciaal gebaar. En zij antwoorden met hetzelfde gebaar.

 

Foto Dario De Witte

Samen zwemmen ze rond en bewonderen de prachtige onderwaterwereld. Opeens zwemmen ze tussen de dolfijnen. Ruben schrikt even maar dan ziet hij een moeder dolfijn met haar kleintje. Dat vindt hij fantastisch. Papa vraagt of alles ok is en dan zwemmen ze verder.

Foto Dario De Witte
Foto Dario De Witte

Ze zien prachtig koraal, zee-egels, zeeanemonen en zelfs een kwal. Na een tijdje zwemmen ze naar de bodem van de zee en dat kan Ruben ook vertellen met een gebaar.

 

 

Foto Dario De Witte
Foto Dario De Witte

 

Daar zwemmen ze tussen een grote school oranje visjes. Ze zwemmen ook inktvisjes en de mooi gekleurde vissen voorbij. Net als papa een foto wil nemen van Ruben zwemt er een reuze waterschildpad voor zijn camera. Dat belooft een leuke foto te worden.

 

 

Papa doet teken naar Ruben om weer naar de boot te zwemmen. En Ruben doet dat gebaar naar mama. Ze moeten weer naar boven toe want het metertje aan de duikfles vertelt dat ze al veel lucht opgebruikt hebben. Als ze weer op de boot zitten mag het mondstuk af en kunnen ze weer gewoon vertellen. Mama en papa zijn zo fier op hun flinke zoon. “Dat heb je fantastisch gedaan,” zeggen ze, ”je bent al een echte duiker.” Als ze terug aan land zijn, trekken ze de duikpakken weer uit en gaan naar de hotelkamer. Na het avondeten kijken ze op de camera naar de prachtige foto’s die papa gemaakt heeft. Ruben neemt zijn boek erbij “Avontuurlijk duiken,” lacht Ruben, ”dat hebben we vandaag wel gedaan hé?” Mama moet geeuwen. “Zullen we vanavond maar eens vroeg gaan slapen? Van dat avontuur ben ik toch wel heel moe geworden,” zegt ze. Dat vinden ze allemaal een goed idee. ”Dan zijn we goed uitgerust voor ons volgend duikavontuur,” lacht Ruben. “Ach zo, gaan we dat dan nog eens doen?” vraagt papa. “Natuurlijk!” roepen mama en Ruben samen. “En papa, als we terug thuis zijn, mag ik dan mijn eigen boek maken over ‘avontuurlijk duiken’ met de foto’s die jij gemaakt hebt?” vraagt Ruben. “Wie weet… en lekker slapen en mooie dromen!” antwoordt papa terwijl ook hij moet geeuwen.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.