Het allerliefste bloempje

Het is tijd voor een verhaaltje uit het grote babbelboek. Ga even zitten en zeg de toverspreuk dan komt het verhaaltje, het wordt heel leuk.

‘In het grote babbelboek

zijn de letters en de kleuren zoek.

Open, toe en schudden maar…

Het verhaal is klaar, echt waar!’

Illustratie Dax Rolloos

Het is nog heel vroeg in de ochtend. De zon is nog maar juist opgekomen en schijnt op de prachtig gekleurde bloemen in de bloementuin. Het is muisstil. Zelfs de wind hoor je niet. Het belooft een prachtige dag te worden. Tussen de bloemen zie je de eerste bijtjes vliegen. Die zijn al druk in de weer. En enkele vlinders laten hun mooiste kleuren zien.

Foto Carina Verhaegen

Op de dikke knop van een bloem zit een klein rood diertje met een zwart kopje, zes zwarte pootjes en zwarte stippen. Het is Liesje, het lieveheersbeestje. Liesje kruipt helemaal tot boven want ze heeft een plan. Ze wil graag vliegen. Ze beweegt haar vleugeltjes maar het lukt nog niet van de eerste keer. Zenuwachtig loopt ze heen en weer… Ze gaat weer helemaal bovenaan zitten.

Foto Sabrina Mechielsen

Liesje klapt haar rode dekvleugels open. Daaronder zitten haar grote vliesvleugels helemaal opgevouwen. Ze vouwt ze open en… daar gaat ze. Het is gelukt. Liesje vliegt weg. Ze vliegt hoog in de lucht. Van daaruit kan ze alle bloemen zien in de prachtige bloementuin. Ze gaat op zoek naar het allermooiste, allerliefste bloemetje van de hele wereld.

Foto Carina Verhaegen

Onderweg gaat Liesje even rusten in het malse groene gras. “Brrrr…. rilt Liesje,” terwijl ze langs een lange stengel vlug naar boven kruipt. Het lange gras is nog nat van de dauw. “Lekker fris,” lacht ze en kruipt dapper verder. Met haar kleine zwarte pootjes houdt ze zich stevig vast en kruipt verder tot ze helemaal bovenaan is. Daar spreidt ze haar vleugels weer en gaat een eindje vliegen.

Foto Carina Verhaegen

Tot ze bij een prachtige gele bloem komt. Ze landt onderaan de dikke groene stengel. Langs daar kruipt ze naar boven tot ze bij de gele kroonblaadjes komt. Liesje kruipt tot aan de rand van één de blaadjes. “Oh, wat is het hier hoog!” roept ze bang, ”maar wel een mooi uitzicht.” Ze kruipt nog een beetje verder…. ”Ooooooo,” schrikt Liesje en ze kan haar nog net vastgrijpen aan de onderkant van het blaadje. “Nee, dit is niet de allerliefste bloem,” zegt Liesje. Ze spreidt haar vleugels en vliegt weg.

Foto Carina Verhaegen

Dan landt Liesje op een paarse bloem. “Wat een mooie kleur,” zegt ze blij. Op de paarse bloemblaadjes liggen nog kleine dauwdruppeltjes. “Lekker en fris,” geniet Liesje. Ze kruipt weer tot aan de rand van een paars bloemblaadje en kijkt naar beneden. Liesje is heel voorzichtig nu. “Een prachtige bloem, met een hele mooie kleur, maar weer veel te groot en te hoog voor mij” zucht Liesje. Ze opent haar rode dekvleugels, ontvouwt haar vliesvleugels… en weg vliegt Liesje. Nu vliegt ze een heel eind verder tot bij een struik met dikke groene bladeren.

Foto Carina Verhaegen

Voorzichtig landt Liesje op één van die bladeren. Voorzichtig kruipt ze van het ene blad naar het andere tot ze bij een kleine rode bloem komt. De blaadjes zijn zacht maar glad. Dus “opgepast Liesje!” Als ze eindelijk bij de bloem aankomt, is ze een beetje teleurgesteld. De bloemblaadjes zijn zo fijn en Liesje kan er zich niet goed aan vasthouden. En even later… ”Ooooooo,” roept Liesje en ze schuift weer naar beneden. En net als bij de gele bloem kan ze zich nog net vasthouden aan de onderkant van een dik groen blaadje. ”Nee,” zegt Liesje boos,” dit is ook niet de allerliefste bloem.” Ze opent haar vleugels en vliegt weg.

Foto Carina Verhaegen

De zon staat ondertussen al heel hoog aan de hemel en Liesje krijgt het warm. Ze gaat op zoek naar een beetje verfrissing en dat vindt ze op de bloemblaadjes van een grote witte bloem. Daar heeft de zon nog enkele dauwdruppeltjes laten liggen. Liesje kruipt van blaadje naar blaadje maar niet tot aan de rand. Ze is bang om naar beneden te vallen. “Nee, die grote bloemen zijn niets voor mij,” zucht Liesje, “ik hou meer van kleine bloemen, met kleine blaadjes en een korte stengel.” Ze kruipt langs de lange stengel naar beneden en gaat even rusten in het zachte gras. De zon heeft alle dauwdruppels opgedroogd en het gras is niet meer zo koud. “Ik word moe van al dat vliegen en al dat zoeken,” zucht Liesje, ”terwijl ze rondkijkt naar alle bloemen in het grote bloemenveld. Ze vindt ze allemaal veel te groot en de stengels veel te lang.

Foto Pixabay

Maar dapper spreidt ze weer haar vleugels en stijgt op. “Nog een laatste tochtje en dan stop ik ermee,” zegt ze vastberaden. Even later ziet ze vanuit de hoogte tussen het hoge gras een grote witte vlek met gele stipjes. “Zouden dat ook bloemen zijn?” vraagt Liesje. Nieuwsgierig daalt ze een stukje. “Hé kijk, hoe lief, allemaal kleine witte bloempjes met een geel hartje!” roept Liesje. Die wil ze van heel dichtbij bekijken.

Sabrina Mechielsen

Ze landt op een madeliefje, want zo heten die kleine lieve bloempjes. “Hoe leuk is dit! Gewoon perfect. Kleine witte blaadjes en een korte groene stengel,” lacht Lies. Deze bloemen zijn super voor zo een klein lieveheersbeestje. “Hier blijf ik,” geniet Liesje, “dit zijn de allermooiste, allerliefste bloemetjes van de hele wereld.”

Illustratie Dax Rolloos

Nu Lies een fantastische plaats gevonden heeft voor lieveheersbeestjes, nodigt ze al haar vrienden uit. De volgende dag zie je vanuit de lucht tussen het hoge groene gras, een grote witte vlek met gele, rode en kleine zwarte stipjes.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.