Mèèèèèè

Foto Zoobiedoe

“Mèèèèèè, mèèèèèèè!” Midden in de nacht schrikt Edison de ezel wakker. “Is me dat verschieten!” roept hij. “Wat gebeurt er, wat gebeurt er?” vraagt Valeir de vogelverschrikker geschrokken. Kootje konijn ligt nog diep te slapen, hij heeft niets gehoord. Vannacht slapen de drie vrienden in een lege stal op een bedje van stro. Het is zalig slapen tot twee grote geiten hen wakker maken met hun luid gemekker. “Mèèèè, wat doen jullie hier? Dit is onze stal. Hier is geen plaats voor jullie!” roepen de geiten boos.

“Oh sorry, dat wisten we niet. De stal was leeg gisterenavond,“ zegt Edison. “Komen jullie altijd zo laat slapen,” vraagt Valeir, “het is al nacht.” Met een diepe zucht ploffen de geiten neer in het stro. “Nee, nee, we gaan altijd slapen als de zon ondergaat. Maar vandaag zijn we heel laat omdat er iets ergs gebeurd is.

Illustratie Harald Wolf

We wonen hier op de geitenboerderij met veel geiten, grote en kleine. De kleine geitjes speelden gisteren verstoppertje. Toen het donker werd, kwamen ze vertellen dat ze het kleinste geitje nog altijd niet gevonden hadden. Toen zijn we allemaal gaan zoeken tot lang nadat de zon onderging. Maar we hebben het kleintje nog altijd niet gevonden,” vertellen ze verdrietig, “nu is het te donker om verder te zoeken. We gaan nu allemaal slapen en als het weer licht wordt, gaat onze zoektocht verder.” Ondertussen is Kootje ook wakker geworden. “Misschien kunnen wij ook helpen zoeken,” stelt hij voor. Dat vinden zijn vrienden een schitterend idee. “Super!” zeggen de geitjes, ”laat ons dan nu gaan slapen. Als we dicht bij elkaar gaan liggen zal het wel lukken. En dicht bijeen is lekker warm hé?”

Als ’s morgens de zon weer opkomt is iedereen uitgerust en klaar om te gaan zoeken. Ze zoeken echt overal… 

Foto Karin Piessens

De bok rent de hele tijd heen en weer. Hij is zo ongerust. En hij mekkert de hele tijd heel luid. De kleine geitjes zoeken mee op de speelweide. Ze kijken in de buizen, in de zandbak, tussen de struikjes… Maar ze vinden het kleine geitje niet.

Er is zelfs een geit die in de bomen gaat zoeken. Hij maakt zich groot door op zijn achterpoten te gaan staan. Maar daar zit het geitje ook niet. Ze zijn allemaal zo moe van te zoeken en gaan even rusten. Terwijl het stil is, gaat Kootje konijn op pad. Hij kan in de kleinste gaatjes kruipen en met zijn grote flaporen kan hij heel goed luisteren. Kootje komt voorbij een stapel met boomstammetjes. “Hé, wat hoor ik daar?” vraagt Kootje terwijl hij zijn flaporen recht zet. “Mèèè, mèèè, haal mij hieruit,” roept het kleine geitje. “Wacht, ik haal hulp!” roept Kootje. Hij rent naar de anderen. “Ik heb het geitje gevonden!” roept Kootje blij, ”hij zit onder de stapel met boomstammetjes, kom vlug mee!” Als ze bij de stapel komen, horen ze het geitje weer roepen, ”Mèèèè mèèèè, haal mij hieruit!” Ze willen hem zo vlug mogelijk bevrijden. Het zijn Edison en de bok die de boomstammetjes voorzichtig oppakken en op een nieuwe stapel leggen. Zij zijn het grootste en het sterkste. Valeir kan niet helpen, zijn armen en benen zijn niet sterk genoeg. Maar hij houdt de andere kleine geitjes op een veilige afstand. 

Foto Karin Piessens

Als het kleinste geitje naar boven komt gekropen, beginnen de geitjes heel luid te mekkeren. Ze zijn superblij. “Amai mijn oren, wat een lawaai!” roept Kootje en legt zijn flaporen helemaal plat. “Het is dankzij jouw fantastische oren dat we ons kleintje gevonden hebben,” zegt de bok, “superbedankt!” mekkert hij. “Graag gedaan hoor, maar stop met mekkeren want mijn oren kunnen daar niet tegen,” lacht Kootje. Die avond is het feest op de geitenboerderij. De geiten doen hun best om niet te veel en zeker niet te luid te mekkeren. Dat hadden ze beloofd aan Kootje. De vrienden blijven nog één nachtje slapen in de stal. Lekker dicht bij elkaar. Want dicht bijeen is lekker warm hé. De volgende morgen nemen ze afscheid van de geiten. Met z’n drietjes gaan ze weer op pad, de wijde wereld in. Op weg naar een ander avontuur…

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.