Diep in de zee…

Tijdens een wandeling door het bos kwam Pieter voorbij de Babbelboom. Pieter wilde even rusten en zette zich neer op het stronkje met mos en zei de toverspreuk:

‘Biebbele babbele boe

 Oren open en mondjes toe.

 Het is geen grap, het is geen droom,

 Luister naar de Babbelboom.

 Letters, woorden, zinnen,

 Laten we beginnen.’

Langzaam werd de boom wakker en zei: “Dag Pieter, ik ben blij dat je op bezoek komt. Kan ik je plezieren met een verhaaltje? En waarover mag het verhaaltje gaan?”

Pieter zei natuurlijk ja en vroeg, “ken je een verhaal over een octopus?”

De Babbelboom knikte ja en vertelde:

Elke dag maakt Oscar Octopus een lange tocht door de prachtige zee. Met zijn acht armen kruipt hij verder op de bodem en af en toe spuit hij naar boven door het water. Daar komt hij zijn beste vrienden tegen en maken ze een praatje. Zaza zeester ligt te rusten op een grote schelp.

Foto Etienne de Maeyer

Streepje, de vis zwemt altijd een eindje mee wanneer Oscar langs het koraalrif komt. Daar genieten ze samen van de prachtige kleuren en van wel duizend kleine visjes. Op het einde van de dag keert Oscar terug naar de spleet in de rots diep in de zee. Daar geniet hij dan van het prachtige zeezicht. Maar vanavond kan hij niet naar binnen. Er steekt een reuzestaart uit de grot. “Oh nee, iemand heeft mijn huisje ingepikt!” roept Oscar boos, ”Waar moet ik nu gaan wonen?” Oscar is helemaal overstuur en weet niet wat te doen. Hij gaat raad vragen aan zijn vrienden.

Illustratie Pieter Saegeman

“Zaza, Zaza, wakker worden. Er is iets heel erg gebeurd. Een reuzegrote vis heeft mijn huisje ingepikt. Ik heb zijn lange staart gezien. Die stak uit de spleet van mijn grot. Waar moet ik nu gaan wonen?” snikt Oscar. “Huisjes inpikken, huisjes inpikken, niets van, dat mag niet. Trek maar aan zijn staart en zeg het hem maar eens goed!” zegt de zeester boos. “Dat durft ik niet. Die vis is veel te groot en veel te sterk,” zegt Oscar bang. “Dan kan ik je niet helpen hoor,” geeuwt Zaza en slaapt verder op haar schelp.

Foto Etienne de Maeyer

Nu gaat hij naar Streepje, misschien kan die hem helpen. Streepje, Streepje, wakker worden. Er is iets heel erg gebeurd. Een reuzegrote vis heeft mijn huisje ingepikt. Ik heb zijn lange staart gezien. Die stak uit de spleet van mijn grot. Waar moet ik nu gaan wonen?” snikt Oscar. “Dat mag niet, dat mag niet. Zeg maar aan die stouterik dat hij je huisje moet teruggeven want huisjes inpikken dat doen wij niet, hier diep in de zee,” zegt Streepje boos. “Dat durft ik niet. Die vis is veel te groot en veel te sterk,” zegt Oscar bang. “Dan kan ik je niet helpen hoor,” zegt Streepje, ”maar Picasso, de grote blauwe vis die weet misschien wel raad.” Streepje zwemt zo vlug hij kan naar het koraalrif waar Picasso woont.

Foto Etienne de Maeyer

“Picasso, Picasso, wakker worden. Er is iets heel erg gebeurd. Een reuzegrote vis heeft Oscar zijn huisje ingepikt. Hij heeft zijn lange staart gezien. Die stak uit de spleet van zijn grot. En nu weet Oscar niet meer waar hij moet wonen.” zucht Streepje “Dat laten we niet gebeuren. Kom Streepje, we zwemmen er naartoe en gaan onze vriend Oscar de Octopus zijn huisje terugbezorgen.” Ondertussen is Zaza ook naar Oscar gegaan, ze kan niet slapen want ze is zo bezorgd om haar goeie vriend. Streepje en Picasso zijn er ook al en samen zoeken ze naar een oplossing. “Laten we gewoon eens vragen aan de grote vis waarom hij hier is en wat hij hier komt doen,” stelt Piccasso voor. Dat vinden ze een prima idee. Als Picasso het gevraagd heeft, antwoord tot ieders verbazing een klein lief stemmetje. “Ik zit hier al lang vast, trek maar aan mijn staart om me hieruit te halen, het zal geen pijn doen.” De vrienden gaan het samen doen… 123 en ja het lukt. “Maar jij bent geen vis, jij bent een kleine …zeemeermin,” roept Oscar. De dieren staan met hun mond open te kijken. Ze waren zo bang voor de grote vis. Maar het was de grote staart van een kleine lieve mooie zeemeermin. “Wat zat jij daar nu in mijn huisje te doen?” wil Oscar weten. “Wat verder in de diepe zee woon ik met mijn zusjes. We waren verstoppertje aan het spelen. Toen ik voorbij zwom, wilde ik me verstoppen in de spleet maar ik kon er niet helemaal in. Mijn staart is te dik en te groot en ik kon er ook niet meer uit. Ik zat helemaal vast. Toen heb ik heel hard geroepen, maar niemand hoorde mij. Ik ben zo blij dat jullie me hier hebben uitgehaald. Ik was echt zo bang.” De zeemeermin geeft iedereen een dikke zoen. “Nu moet ik wel naar huis want het is bijna donker en dan vind ik de weg naar huis niet meer,” zei de kleine zeemeermin. Ze bedankt de vrienden nog en zwaait met haar lange staart. “Daaaag,” roept Oscar, “en kom maar gauw weer eens op bezoek. Altijd welkom!” De vrienden gaan terug naar hun slaapplaats en wensen elkaar een rustige nacht. Oscar is heel blij om weer in zijn huisje te kunnen. Hij hoopt dat de kleine zeemeermin vlug weer eens langs komt. Hij vindt haar zo mooi en lief… vannacht zal hij zeker van haar dromen.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.