Lekker warm…

Het is tijd voor een verhaaltje uit het grote babbelboek. Ga even zitten en zeg de toverspreuk dan komt het verhaaltje, het wordt heel leuk.

‘In het grote babbelboek

zijn de letters en de kleuren zoek.

Open, toe en schudden maar…

Het verhaal is klaar, echt waar!’

Foto Pixabay

Dit is Witje het kleinste kuikentje van mama kip en papa haan. Mama kip heeft wel 6 eitjes uitgebroed. Uit de eerste 5 kwamen allemaal gele kuikentjes. Op het laatste ei heeft mama kip heel lang moeten broeden. En toen het ei eindelijk brak, kwam het laatste kuikentje eruit. En dat was een wit kuikentje. Iedereen noemt hem dan Witje. Witje is het kleinste van alle kuikentjes. Als zijn zusjes en broertjes rondlopen in het kippenhok blijf hij liever dicht bij mama. Daar is het lekker warm…

“Lekker warm…” verder lezen

Lekker warm

Lees ook de verhaaltjes op zoek, sneeuwpret, volg me maar.

“Wat zal ik blij zijn om onze vrienden de alpaca’s terug te zien,” zucht Edison. “Ik ook,” bibbert Valeir, “dan hebben we weer een lekker warm plaatsje om te slapen tijdens de koude nachten.” Edison, Valeir en Kootje zijn al een hele tijd op weg naar de boerderij waar Mike en Spike de alpaca’s wonen. Tijdens hun tocht naar hun twee wollige vrienden hebben ze tijdens de koudste nachten geslapen in allerlei schapenstallen waar het ook wel warm was. Maar toch niet zo warm als bij Mike en Spike. “We zijn er bijna,” lacht Valeir die in de verte de boerderij al ziet staan. “Kom,” zegt Edison tegen zijn vrienden, ”spring maar op mijn rug dan zetten ze we het op een loopje voor het laatste stukje van onze tocht.” Valeir en Kootje gieren het uit van de pret. Edison loopt zo vlug dat de vrienden voortdurend tegen elkaar schuiven op de gladde rug van Edison.

“Lekker warm” verder lezen

Is er iemand thuis?

In de tuin waar Bartholomeus bij en zijn vrienden wonen is er de laatste twee weken heel wat veranderd. De herfst is in het land en dat kan je heel goed zien. De bomen kleuren bruin, rood en geel. En als de wind hard waait, dwarrelen de blaadjes met tientallen naar beneden.  Het wordt ook kouder en de dagen worden korter. Elke morgen zijn het gras, de planten en de bloemen nat van de dauw. ‘s Nachts zoeken de dieren een warme plaats om te slapen. En als het nog kouder en winter zal worden, zal dat hun plaatsje worden om de winter door te brengen. Pedro de pony blijft nu vaker in zijn warme stal. Pol de mol blijft langer onder grond en komt alleen een kijkje nemen als de zon schijnt. Kobe zie je ook alleen maar op het waterlelieblad zitten als de zon er is. Anders zit hij aan de rand van de vijver, verstopt onder een dekentje van bladeren. En Bartholomeus bij kruipt als het koud is, in een klein gaatje in de grond. Maar vandaag is de zon nog van de partij en Bartholomeus vliegt rond in de grote tuin.

“Is er iemand thuis?” verder lezen

Op zoek…

Edison, Valeir en Kootje hebben vorige nacht heel slecht geslapen. Het was berekoud. Ze sliepen terug in de stal op een bedje van stro. Ze kropen dicht bijeen om elkaar te verwarmen maar dan nog was het vreselijk koud. “Voor volgende nacht zullen we toch een warmere plaats moeten zoeken,” bibbert Edison. Hij en Kootje hebben wel al een dikke wintervacht maar voor de vrieskou kan hen dat niet genoeg beschermen. En Valeir met zijn lichaam van stro bibberde ook bijna uit zijn kleren. Ze beslissen om vroeg op pad te gaan en uit te kijken naar een warme plaats voor de nacht.

“Op zoek…” verder lezen