Oh, ik zie mezelf!

Krisje krekel is als eerste wakker en speelt zacht een deuntje op zijn viool. De vogels zijn er ook en fluiten vrolijk mee. De konijntjes springen rond en flapperen met hun oren bij het horen van de muziek. Alle dieren worden nu wakker en komen naar de open plek in het bos. Samen zingen ze om elkaar een goeie morgen te wensen.

 “Goeiemorgen, goeiemorgen, goeiemorgen jij en jij.

   Goeiemorgen, goeiemorgen ik ben vandaag zo blij!’

Ze vertellen ook hun plannen voor vandaag en Kraakje eekhoorn heeft een vraag. “Wie gaat er mee naar het toverbos?”, vraagt hij heel serieus.

“Oh, ik zie mezelf!” verder lezen

Ondersteboven

Edison ezel en zijn vrienden hebben een hele dag in het bos doorgebracht. Ze hebben genoten van de prachtige natuur en kennisgemaakt met de bosbewoners. Een eekhoorntje, een vos, allerlei vogels, konijntjes, muizen en ze hebben ook een egel gezien. Het wordt stilaan donker en ze gaan op zoek naar een slaapplaats voor de nacht. “Midden in het bos heb ik een huisje zien staan. Misschien kunnen we daar slapen?” zegt Valeir de vogelverschrikker. “Goed idee! Wijs ons de weg!” lachen Edison en Kootje.

“Ondersteboven” verder lezen

Een groot probleem…

Het is bijna winter in het dierenbos waar Krisje krekel en zijn vrienden wonen. Zoals elk jaar rond deze tijd zijn bijna alle bomen kaal. Sommige dieren beginnen bijna aan hun winterslaap. Ze hebben heel veel gegeten en slapen nu tot het einde van de winter. De mieren blijven dicht bij elkaar in de mierenhoop. En Krisje krekel en de kaboutertjes laten hun vuurtje weer branden in de holle boom. Meneer uil, de specht en de andere vogels hebben terug hun dikke verenjas die hen beschermt tegen de kou. Ook de konijntjes en Kraakje de eekhoorn hebben een dikke vacht.

“Een groot probleem…” verder lezen

Storm in het bos

Stilaan verandert de herfst het grote dierenbos. Hier en daar vind je al paddestoelen. De wind blaast al wat gekleurde blaadjes van de bomen. En de dagen worden weer korter. Zoals elke avond speelt Krisje krekel op zijn viool. De andere dieren komen dan naar de open plek om te zingen en te dansen. Als de zon helemaal is ondergegaan zeggen ze welterusten en zoeken hun warme slaapplaats op.

“Storm in het bos” verder lezen

Later als ik groot ben…

Tijdens een wandeling door het bos kwam Pieter voorbij de Babbelboom. Pieter wilde even rusten en zette zich neer op het stronkje met mos en zei de toverspreuk:

‘Biebbele babbele boe

 Oren open en mondjes toe.

 Het is geen grap, het is geen droom,

 Luister naar de Babbelboom.

 Letters, woorden, zinnen,

 Laten we beginnen.’

Langzaam werd de boom wakker en zei: “Dag Pieter, ik ben blij dat je op bezoek komt. Kan ik je plezieren met een verhaaltje? En waarover mag het verhaaltje gaan?”

Pieter zei natuurlijk ja en vroeg, “ken je een verhaal over een beer?”

De Babbelboom knikte ja en vertelde:

Er was eens een beertje. Zijn naam was Bob. Samen met mama en papa beer woonde hij in een groot hol in de rotsen in Noord-Amerika in Yellowstone. Bob was nog veel te klein om alleen op stap te gaan. Hij mocht wel mee met papa beer als die op zoek ging naar eten voor zijn gezin. Bob mocht dan bessen plukken. Zalm vangen zoals papa deed, kon hij nog niet. “Kijk maar goed hoe ik het doe dan kan je dat later, als je groot bent, ook proberen.”

“Later als ik groot ben…” verder lezen

Alle kleuren van de regenboog

Tijdens een wandeling door het bos kwam Lena voorbij de Babbelboom. Lena wilde even rusten en zette zich neer op het stronkje met mos en zei de toverspreuk:

Zelfportret Lena D’hooghe

‘Biebbele babbele boe

 Oren open en mondjes toe.

 Het is geen grap, het is geen droom,

 Luister naar de Babbelboom.

 Letters, woorden, zinnen,

 Laten we beginnen.’

Langzaam werd de boom wakker en zei: “Dag Lena, ik ben blij dat je op bezoek komt. Kan ik je plezieren met een verhaaltje? En waarover mag het verhaaltje gaan?”

Lena zei natuurlijk ja en vroeg, “ken je een verhaal over een dwergje?”

De Babbelboom knikte ja en vertelde:

Er was eens een dwergje. Zijn naam was Daan. Daan woonde met mama en papa dwerg in een groot bos. Met z’n drietjes hadden ze een holle boom ingericht tot een heel gezellig huisje. Daan hield heel erg veel van kleuren. Maar in het bos was het al een hele tijd heel donker. Al weken na elkaar was het bewolkt en het regende ook vaak. “De zon laat zich weer niet zien vandaag. Ze zal op vakantie zijn,” lachte papa dan. Maar Daan kon echt niet lachen. Hij werd echt verdrietig van het slechte weer. Buiten spelen mocht hij niet als het regende. “Ik ben het zo beu om binnen te moeten blijven,” zeurde Daan.

“Alle kleuren van de regenboog” verder lezen

Een spannende dag in het bos…

Het regende vandaag in het bos. Dat vonden Krisje en zijn vrienden helemaal niet leuk. Ze hielden van de zon want dan was alles veel mooier en dan konden ze leuke spelletjes spelen. Verstoppertje vonden ze het leukste. Maar vandaag bleven ze allemaal lang slapen. Na de middag brak de zon door de wolken en kwamen ze allemaal weer naar buiten op de open plaats in het bos. Krisje speelde op zijn viool en ze zongen samen hun liedje dat vandaag een beetje anders klonk:

“Goeiemiddag, goeiemiddag, goeiemiddag, jij en jij,

   goeiemiddag, goeiemiddag, de zon is er ook bij”

“Een spannende dag in het bos…” verder lezen

Wie is daar?

In de herfst worden de dagen korter en de nachten langer. ’s Nachts wordt het ook al kouder. Prikkebol kruipt dan ’s nachts onder de blaadjes en slaapt in zijn blaadjesbed.

Op een morgen, het was nog een beetje donker, hoorde Prikkebol iemand wenen. Hij kroop vanonder de blaadjes om te kijken wie het was.

 

“Wie is daar?” verder lezen