Fladderen van bloem tot bloem…

“Sssssst, sssssst…,” fluistert Bartholomeus. Hij zit samen met Kobe de kikker en Pol de mol op het gras te kijken naar de grote vlinderstruik die in de tuin staat. Op één van de prachtige paarse bloemen zit een mooie vlinder. “Een nieuw vriendje in onze tuin?” vraagt Pol stilletjes terwijl hij zijn brilletje wat hoger op zijn neusje duwt om beter te kunnen kijken.

“Ik heb die hier nog nooit gezien,” kwaakt Kobe terwijl hij een beetje dichter springt. Bartholomeus vliegt voorzichtig dichterbij. “Dag vlinder welkom in onze mooie tuin,” fluistert Bartholomeus. Even schrikt de vlinder maar dan stelt ze zich voor.

Illustratie Lander Loots

“Dag meneer bij, ik ben Véronica vlinder. Jullie hebben hier prachtige bloemenstruiken in de tuin en daar zijn wij vlinders echt wel gek op,” vertelt Véronica. “Zeg maar Bartholomeus, en ja, het is hier mooi hé in de grote tuin. Mag ik jou mijn vrienden voorstellen.” Bartholomeus en Véronica fladderen naar beneden. “Dit is Kobe, de kikker, die woont in de grote vijver en dit is Pol de mol die woont onder de grond. En dan is er nog Pedro, de pony, die woont hiernaast op de weide. Hij is al een beetje oud en doet nu een middagdutje in de stal.” Véronica is een beetje verlegen als ze kennismaakt met al de vrienden. “Dag allemaal, jullie wonen hier in een prachtige tuin, hier zou ik ook wel willen wonen,” zegt Véronica. “Van waar kom jij eigenlijk, we hebben je hier nog nooit gezien?” vraagt Kobe. “Nee, dat kan ook niet want vroeger zag ik er helemaal anders uit. Ik ben al een hele tijd hier in de tuin maar toen was ik nog een rups,” zegt Véronica. De vrienden kijken een beetje verwonderd. “Vertel eens, wat is er dan allemaal gebeurd? Nu ben je zo een prachtige vlinder,” zegt Bartholomeus. Véronica vertelt haar verhaal:

Eerst zat ik in een eitje. Daarin groeide ik als een kleine groene rups. Dan moest ik heel veel eten om groot en sterk te worden. Dan spon ik rond mijn lijfje een huisje, een cocon. Daar woonde ik een hele tijd. En daar gebeurde iets fantastisch. Na een lange tijd, toen de zon veel scheen en het lekker warm was, kwam ik uit mijn cocon en …was ik een mooie vlinder geworden. En nu kan ik fladderen van bloem tot bloem.”

Rupsje nooit genoeg (Eric Carle)

De vrienden vinden het een prachtig verhaal. Véronica fladdert weer naar de vlinderstruik. “Dat verdient een welkomstfeestje,” fluistert Bartholomeus. Iedereen vindt dat een fantastisch idee. Bartholomeus vliegt naar de andere tuinen in de buurt om de vlinders ook uit te nodigen. “Deze middag aan de rand van de vijver zijn jullie allemaal welkom.” De vlinders beloven allemaal te komen. Het wordt een super verrassingsfeestje voor Véronica.

foto’s W. Van Hoyweghen

Het is middag. Er komen al enkele vlinders aangevlogen. Ze verstoppen zich in de schuur van Pedro. Kobe en Pol weten niet wat ze zien. Er komen steeds meer vlinders met prachtige kleuren. Als allerlaatste komen er twee dezelfde vlinders.

foto W. Van Hoyweghen

Wat een kleurenpracht. Bartholomeus heeft met Véronica en de vrienden afgesproken om ’s middags samen te komen. “Oh het is hier zo gezellig,” zegt Véronica als ze met Bartholomeus, Kobe en Pol aan de vijver zit. “Komt Pedro de pony niet?” vraagt ze. “Oh jawel. Wacht we zullen even roepen, Pedro!!!!!” En daar komt Pedro aangestapt met rond hem wel honderd vlinders. Wat een kleurenpracht! “Verrassing!” hinnikt Pedro. Véronica fladdert met haar mondje open naar de andere vlinders. “Oh wat leuk dat jullie er allemaal zijn!” roept ze.

Bartholomeus speelt natuurlijk op zijn accordeon en alle vlinders doen de vlinderdans. Ongelofelijk met al die mooie kleuren en de vlinders die fladderen in een grote kring boven de vijver. De vrienden genieten mee van dit welkomstfeestje want zo een mooi kleurenfeest is er in hun tuin nog nooit geweest.

 

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.